Quatre Bras
Negentiende eeuw ♦ Gemeentelijk Monument
De tegenwoordige villa Quatre Bras is vermoedelijk ontstaan in de tweede helft van de negentiende eeuw na verbouwing van een oudere theekoepel van het buitengoed De Kleine of Nieuwe Flierse, genoemd naar het nabij gelegen boerenerf De Flierse. In 1901 werd De Kleine Flierse publiekelijk te koop aangeboden als een “gunstig en aangenaam gelegen” goed, bestaande uit de “ruime, sedert kort gerestaureerde Villa “Quatre-Bras”, terrein van vermaak en boerderij met bouw- en weiland, groot circa 3½ hectare”. De naam Quatre Bras komt van de situering aan de viersprong bij de Zutphenseweg. In een oudere verkoopadvertentie, uit 1858, wordt onderscheid gemaakt tussen de Groote Flierse en de Nieuwe Flierse. Dit laatste bestaat op dat moment uit een “buitengoed met bouwmanswoning, koepel, weidelanden, boomgaard, tuin en boschgronden, doorsneden met wandelingen en bloeiend heestergewas”. Het moet getuige de beschrijving een fraai geheel zijn geweest. Het is dit gebiedje met de grote tuin met slingerpaden, dat op de negentiende-eeuwse kaarten duidelijk is afgebeeld. Het tegenwoordige huis is onmiskenbaar het product van verschillende verbouwingen in de negentiende eeuw. Het oudste deel is mogelijk de gepleisterde veelhoekige onderbouw van het rechter bouwdeel, waarin de oude koepel schuilgaat. In verschillende fasen is de koepel vergroot tot de huidige schilderachtige villa, die zo’n prominente plek inneemt langs de drukke Zutphenseweg. Typerend voor de negentiende eeuw zijn de hoge vensters met hun schuiframen. Eén van de toegangen in de voorgevel is voorzien van een karakteristiek tochtportaaltje.

