Hotel Meilink
Barchem is in 1879 nog een jong dorp, maar wel met een kerk in het midden. En vlak achter die kerk begint Hendrik Jan Meilink uit Borculo een winkel.
Hij was een paar jaar eerder naar Barchem gekomen en start nu, met zijn nichtje Dina Johanna als hulp, een kleine kruidenierszaak met vanaf 1880 ook vergunning voor de verkoop van sterke drank.

De zaken gaan goed, want er worden een dienstbode en een winkelbediende in dienst genomen.
Op 4 mei 1883 trouwt Hendrik Jan met Anna Hendrika Maria Boswinkel uit Goor. Dina is dan al naar Borculo teruggegaan. In het jaar erop wordt zoon Hendrik Jan geboren. Dochter Johanna Hendrika volgt vier jaar later, in 1888. Intussen is in 1885 de tramlijn Deventer–Borculo in gebruik genomen, geëxploiteerd door de GOSM. Bij bijna alle halteplaatsen op die lijn zijn of ontstaan logementen waar reizigers kunnen overnachten. Café Meilink wordt zo niet alleen ‘Station Barchem’, maar ook hotel. En Hendrik Jan wordt “Halte Chef van de Geldersch Overijsselsche Stoomtramweg Maatschappij”.

Dat vraagt om aanpassing en vergroting van het kleine café. In 1890 wordt naast het café een hotelpand gebouwd met verdieping en veranda.

In het begin van de 20e eeuw volgen veranderingen elkaar op. Zo worden beide panden verenigd tot één geheel. De veranda bestrijkt de volle breedte van het pand en biedt aangename verpozing. Meilink zelf duidt die overigens in 1908 aan als ‘waranda’.

Vervolgens worden onder de veranda twee erkers aangebracht en krijgt het hotel het aanzicht dat het tot ver na de oorlog zal houden.

In 1910 wordt de leiding van het hotel overgenomen door Hendrik Jan Meilink jr. die in dat jaar trouwt met Hermanna Johanna Meuleman uit Gorssel. Vader, moeder en zus gaan wonen in de dependance van het hotel, Ruurloseweg 5. Daar overlijdt Hendrik Jan Meilink sr in 1914. Zijn vrouw sterft in 1931.
Van 1910 tot 1932 bestiert het echtpaar Meilink jr het hotel met succes. Het is de aangewezen plek voor uitstapjes, vergaderingen, recepties, uitvoeringen en veilingen. Talloze advertenties en krantenberichten getuigen daarvan.
Maar in 1932 moet Hendrik Jan er om gezondheidsredenen mee stoppen. Hij overlijdt twee jaar later aan een beroerte. Hermanna overlijdt pas in 1960 in Doetinchem.
Er volgt een kort intermezzo waarbij het echtpaar Zwaan het hotel overneemt. Cornelis Zwaan blijkt echter psychisch niet gezond en moet al na een jaar stoppen.
Het hotel komt dan in 1934 in handen van het echtpaar Johan Herman Theodoor Semmelink (geb. 1906, Gendringen) en Johanna Dondertman (geb. 1908, Laren). Hij komt van boerderij ten Arve aan de Groenloseweg in Ruurlo. Johanna was van 15 mei 1926 tot 8 december 1932 al dienstbode geweest bij de familie Meilink. Zij trouwen in 1935. Hun in 1936 geboren zoon, ook Johan Herman Theodoor (Jan) Semmelink, wordt na de oorlog hun opvolger. Hij trouwt met Hendrika (Riekie) Norde van de Sleehorst uit het Ruurlosebroek.
Tijdens hun bewind verandert de voorgevel opnieuw: de beide erkers gaan ongeveer de hele voorgevel beslaan.

Jarenlang is Meilink een ‘ANWB Bondshotel’. Gasten uit het westen komen er elk jaar opnieuw genieten van de rust en natuur. In een advertentie van rond 1930 wordt het aangeprezen als een modern ingerichte accommodatie “met waterleiding en electrisch licht, lommerrijke tuinen, grenzende aan de dennenbosschen”. Naast en achter het hotel en aan de overkant van de Borculoseweg heeft het hotel inderdaad zitjes, prieeltjes en een grote tuin, waarin het aangenaam toeven is.

Jan overlijdt in 1973 op jonge leeftijd, zodat Riekie tot 1994 het hotel alleen voortzet. Daarna volgt weer een kort intermezzo waarbij het echtpaar Carla en Dick Feer uit Denekamp het hotel bezitten. De familie Semmelink had het hotel verkocht aan het echtpaar Feer om daarmee de horecabestemming veilig te stellen. Dat blijkt uitstel van executie te zijn geweest, want het echtpaar Feer verkoopt de zaak alsnog aan de Stichting Woningbeheer Lochem (tegenwoordig Viverion). Niet zolang daarna, in 2000, is het hotel gesloopt, op de voorgevel na.
Viverion realiseert en exploiteert achter die voorgevel – inmiddels weer zonder erkers – een 16-tal zelfstandige woningen voor (Barchemse) ouderen. Op dinsdagmiddag 20 mei 2003 opent mevrouw Derlagen-Tump, de oudste bewoonster, het appartementencomplex ‘Station Barchem’. De “Stichting Vrienden Woonplus Barchem” bevordert het welbevinden van alle Barchemse ouderen en in het bijzonder van de bewoners van het Station.

Dit verhaal is gebaseerd op het Boek Barchem.
De afbeeldingen zijn afkomstig uit de collectie van het Historisch Genootschap, aangevuld met afbeeldingen van Erfgoed Zutphen.