De Laatste Stuiver
Er waren heel wat herbergen ‘De Laatste Stuiver’ in Nederland. Meestal bij een brug of veer of tol.
Geen wonder dus dat ook bij de tolbrug over de Polbeek in ‘Koninklijke weg van Zutphen naar Deventer’ een ‘Laatste Stuiver’ te vinden was. Al genoemd in een leenakte uit 1378 als ‘het goet de Hulst, ook genoemd De Laatste Stuiver’. Tot in de negentiende eeuw was de herbergier (Laatste Stuiver) tevens boer (Op ter Hulst).

Een herberg is een plek voor gezelligheid, maar ook voor reuring. Jansen Op de Haar (zie Bronnen) verhaalt over een generatieconflict dat in 1723 ontstond tussen herbergier Aelbert Alberts Ploegman en zijn vader Aelbert sr. Vader Aelbert, die de herberg nog in bezit heeft, onterfde zijn zoon omdat diens vrouw Maria haar schoonvader had uitgescholden voor “schelm, Judas en treter” en hem “twee glasen an stucken voor sijn voeten gesmeten” en hem bovendien “de stok uyt de hant gegrepen en hem verscheidene malen over den arm en hant geslagen”. En dat alles in aanwezigheid van stamgasten en zonder enig ingrijpen van Aelbert jr. Gelukkig kwam alles voor jr. weer goed: de overige kinderen gunden hem bij de verdeling van de ouderlijke boedel toch het eigendom van de herberg.
Vrijwel de hele 18e eeuw bleven er verwanten van Ploegman op de herberg en vrijwel de hele 19e eeuw zaten er drie generaties Wunderink.
Zoals het een goede dorpsherberg betaamt was De Laatste Stuiver regelmatig het toneel voor vieringen, veilingen en vergaderingen. Zo vond de vergadering van de Marke Angeren er altijd plaats. En veilingen waren er natuurlijk ook allang voor de annonce in de Arnhemse Courant in februari 1816.

Vanaf 1830 vonden de raadsvergaderingen van de gemeente Gorssel plaats in De Laatste Stuiver, totdat even verder aan de Rustoordlaan een echt raadhuis werd gebouwd. Daar kon na 1862 ook de secretarie worden ondergebracht die tot dan bij de burgemeester thuis was gehuisvest.
In 1885 werd De Laatste Stuiver getroffen door een grote brand. Het nieuws haalde zelfs de landelijke pers en ook de steunbetuigingen kwamen van heinde en ver. In 1896 kwam het hotel in handen van Hubertus Adrianus Gerretsen en die regelde meteen een telefoonaansluiting. Hij vertrok al in 1900 naar Almelo.

Daardoor maakte hij maar net mee dat in 1896 begonnen werd met een paardentram van Zutphen naar Eefde die een remise – de stalling van paarden en wagons – had bij De Laatste Stuiver. De lijn heeft maar tot 1919 bestaan en is nooit doorgetrokken tot Gorssel, wat ooit de bedoeling was.

De remise voor de paardentram in Eefde was bij De Laatste Stuiver
Er volgde vanaf 1900 een periode met diverse uitbaters die het al snel voor gezien hielden.

In 1901 was Jan Nijdam korte tijd uitbater van De Laatste Stuiver
Ongeveer van 1910 tot 1920 was Dirk Huibert Branderhorst de hotelhouder en hij werd opgevolgd door Steven Hendrik Becude. Deze had als ‘oberkelner’ gewerkt in Zutphen en was in 1909 getrouwd met Geertruida Baltzer. Zij zouden hotel De Laatste Stuiver zo’n veertig jaar leiden door goede en slechte tijden.



De Becudes hadden het hotel gekocht toen het in mei 1926 openbaar werd geveild. En al in december van datzelfde jaar kon een nieuw feestgebouw worden geopend.
In 1930 werd begonnen met de aanleg van het Twentekanaal. Het hotel kwam te liggen aan een rustig, maar wat verloren stukje Rustoordlaan aan de voet van de verhoogde toerit naar de brug. Dat had zowel voor- als nadelen. Rond diezelfde tijd werd het pand grondig verbouwd naar de ‘jaren dertig’ stijl die het sindsdien heeft behouden.

De gevechtshandelingen tijdens de bevrijding in 1945 en in het bijzonder het opblazen van de brug over het kanaal brachten behoorlijke schade toe aan het hotel. Pas in 1952 kon het feestgebouw heropend worden.



Steven Hendrik Becude was inmiddels al behoorlijk op leeftijd en dochter Geertruida Johanna Maria zal al veel in het hotel hebben gedaan. Waarschijnlijk was zij in 1960, toen het hotel nog nieuw personeel wierf, alleen aan het roer. Haar vader overleed in 1968 in Eefde. Mogelijk was dat ook de aanleiding en het moment om het hotel te sluiten.
NB: hebt u meer informatie of exacte data over deze fase van hotel en antiekwinkel, meld dat dan via info@erfgoedlochem.nl
Met behoud van de naam werd in het pand vervolgens jarenlang antiek verkocht.


Tegenwoordig is het gebouw in gebruik als appartementengebouw. Nog steeds als ‘De Laatste Stuiver.

Bronnen:
-
Uit Gorssels verleden door J. de Graaf, Deventer 1926
-
De Hulst of de Laatste Stuiver door H.J. Jansen Op de Haar, Ons Markenboek 1993-2
-
Beeldcollectie Erfgoedcentrumzutphen.nl
-
Delpher.nl
-
Hisgis.nl
-
Topotijdreis.nl
-
Wiewaswie.nl