Haagse gasten in Lochem

Gedurende de 2e Wereldoorlog hebben van 1942/1943 tot na het einde van de oorlog meer dan 600 personen uit Den Haag een toevlucht gevonden in Lochem en Laren. Over de achtergronden van deze, in de meeste gevallen tijdelijke, herhuisvesting gaat dit artikel

De Atlantikwall in Den Haag

In de periode 1942-1943 bouwde de Duitse bezetter, uit angst voor een mogelijke invasie vanuit Engeland, ter verdediging een vesting langs de Hollandse en Zeeuwse kust. Deze vesting bestond uit een stelsel van bunkers, versperringen en andere militaire bouwwerken.
In de stad Den Haag had de bouw extra grote gevolgen, omdat deze stad groot is en direct aan zee gelegen. Grote gedeeltes van wijken moesten worden afgebroken om plaats te maken voor de Atlantikwall.

Op onderstaande kaart van Den Haag is de geplande Atlantikwall weergegeven met een zwarte ‘streepjes-lijn’. Het gebied met de witte achtergrond over de roodgekleurde bebouwing geeft het gebied aan waar ALLE huizen werden afgebroken.

Bron: haagsekaart.nl

De ontruimingen

Talloze Hagenaars moesten hun huizen verlaten om elders te worden ingekwartierd, in totaal bijna 130.000 mensen. Dit betrof niet alleen de bewoners van de huizen die werden afgebroken, maar ook de mensen die in een groot gebied eromheen woonden. Ambtenaren en jongere mensen die nodig waren voor de economie moesten in Den Haag blijven, maar voor werklozen en ouderen was er geen plek meer in de stad, en zij werden noodgedwongen verplaatst naar (vooral) Oost-Nederland, om bij gezinnen in huis geplaatst te worden. Overijssel en Gelderland waren hiervoor het meest geschikt.

Een man struint door de puinhopen van een verwoeste Haagse stadswijk. (bron: beelbankwo2.nl)

 

Luchtfoto Statenkwartier met tankgracht
(bron: beelbankwo2.nl)

Grote delen van de Vruchtenbuurt, de Bomen- en Bloemenbuurt, de Heesterbuurt, het Valkenboskwartier, het Stadhouderskwartier (ook wel Statenkwartier genoemd) en Scheveningen werden ontruimd.

De mensen uit Scheveningen, van oudsher protestant en gelovig, gingen veelal naar Aalten en Winterswijk. Mensen uit andere wijken werden naar talloze plaatsen in de Achterhoek en Twente gestuurd, waar zij bij mensen thuis werden ingekwartierd.

Hagenaars naar Lochem

Uit documenten in de Lochemse archieven blijkt dat tussen 1 september 1942 en 1 juli 1943 meer dan 420 Hagenaars werden ingekwartierd bij mensen in Lochem. Van al deze mensen zijn gedetailleerde gegevens bekend, zoals naam, geboortedatum, adres, geloofsrichting, eventueel beroep en inkwartieringsadres in Lochem. Van verreweg de meeste mensen is door middel van onderzoek naar de sterfdatum aangetoond dat zij na de oorlog teruggekeerd zijn naar Den Haag, of verhuisd naar een andere plaats in Nederland (of elders).

Omdat van de immigranten het Haagse adres bekend is kan worden vastgesteld of deze mensen naar Lochem zijn gekomen vanwege de aanleg van de Atlantikwall. Dat was in verreweg de meeste gevallen zo (slechts 26 van de 460 mensen kwamen uit wijken en buurten die niet werden getroffen door de aanleg van de Atlantikwall). Van de 389 volwassen personen was 70% vrouw, en 30% man. Ook waren er 45 kinderen bij (26 jongens en 19 meisjes), jonger dan 18 jaar.

De procentuele verdeling over de wijken van herkomst was:

Valkenboskwartier 25,4 %
Geuzen- en Statenkwartier 21,6 %
Vruchtenbuurt 14,9 %
Bomen- en Bloemenbuurt 10,0 %
Scheveningen / Duindorp 8,3 %
Duinoord 4,6 %
Overige wijken 15,2 %

De gemiddelde leeftijd van de volwassenen was 77 jaar, bijna 40% van de mensen was tussen de 70 en 80 jaar oud. Minder dan 10 volwassenen waren jonger dan 50 jaar.

De Hagenaars werden veelal ingekwartierd bij inwoners van Lochem. Omdat in het register van binnengekomen personen ook het adres in Lochem werd vermeld kunnen we zien dat de mensen (ongeveer) op wel 200 adressen terecht kwamen.

Hagenaars naar Laren

In de oorlogsjaren was Laren nog een aparte gemeente. Uit archieven van Laren (register van binnengekomen personen) blijkt dat ruim 200 mensen uit Den Haag in de gemeente Laren zijn gaan wonen. Helaas zijn in dit register niet zo veel gegevens per persoon vermeld zoals dat in Lochem wél gebeurde. Het herkomstadres is niet bekend, dus kan niet met zekerheid worden vastgesteld dat al deze mensen naar Laren zijn gekomen vanwege de aanleg van de Atlantikwall, maar dit zal voor de overgrote meerderheid toch wel het geval zijn geweest. Hun gemiddelde leeftijd was 60 jaar, zij kwamen veelal ná 1 januari 1943, dus wat later dan de mensen die naar Lochem gingen. Ook het adres van vestiging is niet bekend.

Samenvattend kan dus worden gesteld dat ongeveer 600 mensen uit Den Haag tijdelijk zijn ingekwartierd geweest in de gemeentes Lochem en Laren.

Terugkeer naar Den Haag

Door te zoeken in bevolkingsregisters en op Internet aanwezige soortgelijke bestanden kon van ongeveer 70% van de in Lochem gehuisveste personen worden vastgesteld naar welke gemeente zij na de oorlog zijn vertrokken en zelfs waar zij zijn overleden (door de privacywetgeving kan dit alleen worden nagegaan voor mensen die langer dan 50 jaar geleden zijn gestorven).

Hieruit blijkt dat ongeveer 60% is teruggekeerd naar Den Haag en dat ongeveer 15% is blijven wonen in Lochem en Laren. Bedenk wel dat de groep vooral oudere personen omvatte, en dat velen van deze 15% al in de laatste oorlogsjaren of binnen een paar jaar na afloop van de oorlog zijn gestorven. De overige 25% waaierde uit over geheel Nederland, tot naar het buitenland.

Zijn er nog Lochemers van “Atlantikwall-komaf” ???

Een interessante vraag anno 2025 is of er nog mensen in Lochem of Laren wonen die vanuit Den Haag kwamen vanwege de aanleg van de Atlantikwall (onwaarschijnlijk, deze mensen zijn inmiddels hoogstwaarschijnlijk allemaal overleden), of afstammelingen daarvan.

Wederom is het, vanwege privacy-overwegingen, niet mogelijk archieven van de Burgerlijke Stand te doorzoeken om deze informatie boven water te halen. Vanwege de opkomst van de mobiele telefoon biedt ook het telefoonboek, waarin alleen mensen zijn opgenomen met een vaste telefoon, weinig houvast. Bovendien zou daar hoogstens gezocht kunnen worden naar mensen met dezelfde achternamen als die in het bestand van binnengekomen personen, dus alle aangetrouwde ‘Hagenaars’ zijn al onvindbaar.

Door een oproep te doen binnen de gelederen van het Historisch Genootschap is het gelukt één persoon te vinden, die een nazaat is van een ‘Atlantikwall-Hagenaar’ en die anno 2025 nog in Lochem woont.

Het betreft hier de 80-jarige mevr. Anne de Vos van Steenwijk. Haar opa en oma waren Gerhard Joan Wilhelm Putman Cramer en Anna Geertruida Zegers Veeckens, die in Scheveningen op de Nieuwe Parklaan woonden. Anne herinnert zich dat haar grootouders vertelden dat de Wall onmiddellijk achter het huis langs liep en langs het Westbroekpark (een Schevenings park, vooral bekend vanwege het Rosarium). Zij kwamen in mei 1943 met hun dochters Johanna en Gerhardina (Gerda) naar Laren en vonden onderdak door een gedeelte van huize ‘De Heest’ te huren van dhr. de Mol van Otterloo, de eigenaar.

Havezathe De Heest nabij Lochem, gelegen aan de Berkel, in september 1943
(foto A. de Vos van Steenwijk)

Gerda Putman Cramer trouwde in juni 1944 in Laren met Jan Arend Goderd de Vos van Steenwijk. Mevr. Anne de Vos van Steenwijk is hun dochter die werd geboren in maart 1945.

Op 19 november 1944 werd De Heest gebombardeerd door de Engelsen. De Duitsers hadden in het koetshuis namelijk een radiostation ondergebracht. De bom raakte echter niet het koetshuis maar kwam bij het huis terecht, dat hierdoor beschadigd werd en in brand geraakte. Kleindochter Anne meldt dat opa en oma het bombardement overleefden, door een greppel naar de dichtstbijzijnde boerderij kropen waar zij door de fam. Lubberdink werden opgevangen en waar zij, tot hun grote genoegen, een half jaar in de kost zijn geweest omdat de Heest onbewoonbaar was.

Na de oorlog keerden opa en oma (Gerhard Putman Cramer en Anna Zeegers Veeckens) terug naar de regio Den Haag. Gerhard Putman Cramer overleed in maart 1949 in Voorburg, Anna Zeegers Veeckens overleed in april 1959 in Den Haag.

Vader en moeder (Jan Arend Goderd de Vos van Steenwijk en Gerda Putman Cramer) vertrokken na hun huwelijk naar Velp, alwaar dochter Anne werd geboren. Zij maakten nog vele omzwervingen, woonden o.a. 30 jaar van hun leven in Italië. Zij zijn inmiddels beiden overleden, vader als eerste. Moeder Gerda heeft haar laatste jaren doorgebracht in Tusseler Hof in Lochem, om zodoende dicht bij haar dochter te zijn. Overigens heeft dochter Anne ook vele omzwervingen gemaakt en heeft o.a. ook in Den Haag gewoond, maar inmiddels woont zij al 42 jaar in Lochem.

Huwelijk van Gerda Putman Cramer in juni 1944 in Laren met Jan Arend
Goderd de Vos van Steenwijk, links haar vader Gerhard Putman Cramer
(foto A. de Vos van Steenwijk)

Een oproep in de Haagsche Courant

In december 2025 is in de wekelijkse rubriek ‘Haagse Helpende Handen’ een oproep geplaatst aan Hagenaars die weten dat ze voorouders hebben of hebben gehad die in de oorlog in Lochem, Laren of Barchem hebben verbleven omdat ze vanwege de aanleg van de Atlantikwall uit hun Haagse huis werden verdreven om zich te melden en, zo mogelijk, het verhaal van hun voorouders te doen.

Omdat het zó lang geleden is dat deze gebeurtenissen hebben plaatsgevonden was de hoop op het vinden van een ‘Lochemse Hagenaar’ niet erg groot.

Uiteindelijk meldde zich één vrouw, wonend in Voorschoten, die wist te vertellen dat haar moeder, samen met haar tweelingzus en haar moeder, vanaf medio 1943 gehuisvest zijn geweest in de Achterhoek, Zij moesten verhuizen vanuit hun huis aan het Weigeliaplein in de Heesterbuurt vanwege de aanleg van de Atlantikwall (hoewel hun huis niet werd afgebroken). De vader (de grootvader dus van de vrouw die zich meldde) was op het moment van verhuizen al overleden.

In de eerder genoemde ‘Registers van binnengekomen personen’ zijn de betreffende mensen inderdaad teruggevonden. Aanvankelijk werden zij geplaatst op de Zwiepseweg in Lochem, en vanaf het begin van de hongerwinter in 1944 op een boerderij in het buitengebied van Verwolde (dus in de toenmalige gemeente Laren).

Helaas kon geen van de betreffende personen, ook niet de afstammelingen van de bewoners van de boerderij bij Verwolde, enige informatie geven omtrent het verblijf van de Hagenaars in Lochem en Laren. Hiermee werd aangetoond dat er inderdaad Hagenaars in het Lochemse hebben verbleven, maar verder liep dit spoor dood.

Slot

Hoewel het té lang geleden was om inhoudelijk veel informatie boven water te kunnen halen is het opmerkelijk dat zóveel mensen (ruim 600) uit Den Haag vanwege de aanleg van de Atlantikwall hun heil zochten (moesten zoeken !) in de gemeentes Lochem en Laren. Dit gebeuren zal ongetwijfeld ook zijn impact hebben gehad op de bewoners van beide gemeentes.

Bibliografie

  • G-J. Mellink, P. Staal, S. van Schuppen – Verdreven voor de Atlantikwall, WBooks, Zwolle, 2017
  • K. Satl, M. van Dongen – Van de kaart geveegd, Wat in Den Haag verdween voor de aanleg van de Atlantikwall 1942-1944, Den Haag, De Nieuwe Haagsche, 2020

En diverse internetsites

https://www.atlantikwalldenhaag.nl/nl

https://www.oorlogsbronnen.nl/bronnen?term=Evacuaties+van+Den+Haag

https://www.geschiedenisvanzuidholland.nl/verhalen/verhalen/de-grote-volksverhuizing/